Afghanistan - Geschiedenis



Achtergrondinformatie


Oppervlakte

652.225 km2

Aantal inwoners

Ong. 25 miljoen, waarvan 45% Pathanen, 25% Tadzjieken, 19 % Hazara’s, 6% Oezbeken.
Plus kleine bevolkingsgroepen: Turkmenen, Noerstani, Kirgizen, Kazachen, Perzische Baluchni.

Hoofdstad

Kaboel

Officiële Taal

Pashto (of Pastoe, van de Pathanen), Farsi/Dari (Tadzjieken).

Staatsvorm
tot sept. 2001

Islamitische republiek.

Munteenheid

Afghani (waarde in 2010- 72 afghani = 1 dollar)

Godsdienst

80 % soennitische islam. Soennieten zijn, binnen de islam, in de meerderheid. Ze volgen naast de koran, ook de soenna. De soenna is de levenswijze van de profeet Mohammed. De soennieten geloven dat Mohammed geen rechtstreekse opvolger heeft aangeduid. Ze erkennen de eerste drie kaliefen van Medina (7de eeuw) en later ook de Omajjaden en de Abassieden als leiders. Hazara’s en Iraniërs zijn sjiieten: 15%. Sjiieten zijn aanhangers van de sji’a: ‘partij’ van Ali. Ali is de neef en schoonzoon van de profeet en, volgens de sjiieten, zijn rechtmatige opvolger. Sjiieten weigeren om de eerste kaliefen, de Omajjaden en de Abassieden, als opvolgers te erkennen. Dit leidt tot een scheuring en vervolging. Er is nog een kleine groep joden, Hindoe en sikhs.





Geschiedenis


1879

Na twee oorlogen met Engeland wordt de Britse heerschappij erkend.

1919

Oorlog met Engeland. Afghanistan wordt op 8 augustus 1919 onafhankelijk.

1926

De Sovjet-Unie erkent de onafhankelijkheid van Afghanistan.

1945

Lid van VN.

1965

Eerste parlementsverkiezingen.

1973

Militaire staatsgreep. Koninkrijk wordt republiek. Koning Zahir Sjah wordt afgezet.

1978

17.04: Vooraanstaand communist wordt vermoord. President Daud Khan wordt beschuldigd.
27.04: Abdul Gader zegt op de radio dat Kaboel in de handen van het volk is. Er volgen zware bombardementen. Daud Khan en twintig van zijn familieleden worden vermoord.

1979

Sovjets komen ‘kameraden’ helpen. De moejahedin gaan in het tegenoffensief. Zij willen van Afghanistan een islamitische staat maken.

1981

Bevrijdingsstrijd (moejahedin) tegen de sovjets breidt zich uit. Tijdens de sovjetbezetting steunen de Amerikanen in samenwerking met Pakistan de moejahedin met wapens en militaire instructeurs.

1986

De sovjetgezinde Mohammed Nadjibullah wordt president.

1988

Met steun van de USA, de Pakistaanse geheime dienst en Saoedi-Arabië verslaan de moejahedin het sovjetleger.

Op 14 april 1988 wordt in Genève een akkoord gesloten. De ondertekenaars zijn: Afghanistan, de Sovjet-Unie, Pakistan en de Verenigde Staten.

1989

15 februari: de laatste sovjetsoldaat vertrekt uit Afghanistan. De burgeroorlog neemt nu in hevigheid toe.
Na de val van de Berlijnse muur, valt niet alleen de Balkan uit elkaar, maar ook de Sovjet Unie.

1990

Grondwetsherziening.

1992

Kaboel wordt door de moejahedin ingenomen. Nadjibulla verandert van communist in een devote moslim en geeft zich in april over. Hij vindt onderdak in de VN-compound.
Er zou een raad worden gevormd met Dostum, Hekmatayar, Rabbani en Ahmad Shah Masud. Maar dat gaat niet door. Rabbani wordt president en Hekmatayar die uitgesloten wordt, is razend. Masud roept op tot kalmte.

In de hoofdstad Kaboel wordt de afrekening gepresenteerd. De moejahedin vecht onder elkaar. Vooral Hazar’s tegen Pashtoen.

1993

In Islamabad, Pakistan, wordt een vredesakkoord gesloten dat het presidentschap van Rabbani bestendigt tot midden 1995. Gulbuddin Hekmatyar wordt uiteindelijk eerste minister van een coalitieregering die zich nooit in Kaboel zal vestigen.

1994

De taliban zetten vanaf de Pakistaanse grens hun opmars in.

1996

De taliban (onder leiding van de eenogige kluizenaar moellah Mohammed Omar) veroveren Kaboel, in 1998 Mazar-e-Sharif.
Weerstand komt er uit het noorden waar de noordelijke alliantie wordt gevormd met generaal Masud en generaal Dostum.
De noordelijke alliantie krijgt steun van Amerika, Iran en Rusland.
Pakistan steunt de taliban.
Afghanistan verleent onderdak aan Osama bin Laden en zijn Al-Qaida (De Basis) organisatie.

1997

Op straffe van steniging worden de vrouwen overal verplicht een boerka te dragen. In landelijke gebieden hebben vrouwen altijd een boerka gedragen. In Kaboel en andere steden werd tijdens het communisme een zekere vrijheid verworven. Vrouwen konden studeren, werken en zich westers kleden.

1998

Een zware aardbeving in het noorden.

1999

Grote droogte die een paar jaar zal aanhouden.

2001

Oktober: Amerika bombardeert (na de aanval op de WTC-torens in New York op 11.09.2001) Afghanistan.
Ondanks de vernietigende bombardementen, wordt Osama Bin Laden niet gevonden.

2002

Er komt een overgangsregering, Hamid Karzai wordt premier. De Pashtoense Koning Zahir Shah (87), die in 1973 werd afgezet, komt terug. Er is een regering gevormd waaraan ook vrouwen deelnemen. Koning Zahir overlijdt in juli 2007.
De onlusten tussen de verschillende etnische groepen blijven echter voordturen. Vooral de taliban laat zich opnieuw gelden en probeert vanuit het zuiden opnieuw op te rukken.





Geschiedenis van de taliban (opgericht 1992)


De taliban zijn in 1994 via de zuidelijke stad Kandahar binnengekomen. De taliban zijn jongens, zowel Pakistani als Afghanen, meestal wezen die hun ouders in de oorlog verloren en een opleiding kregen in madrassa’s of koranscholen. Men noemt hen het lompenproletariaat.

Taliban betekent letterlijk: religieuze studenten.

In die koranscholen worden lessen gegeven door leraren zonder wetenschappelijke kennis.

Enkel de koran en de sharia (islamitische familiewet met totale ondergeschiktheid van vrouwen) worden onderwezen. De taliban zijn Pashtoen en spreken Pasthoen. Ze leunen fel aan tegen Pakistan. President Karzai is een Pashtoen.

De zelfmoordaanslagen, die sinds 2003 verviervoudigd zijn, werden volgens een VN-rapport nog gepleegd door jongeren uit de religieuze scholen van Pakistan.
In de volgende jaren waren de taliban beter georganiseerd, meer opgeleide milities. Hun aanslagen werden bij wijze van spreken meer professioneel.

In 2010 hebben ze nog niks van hun macht en invloed verloren.